Sint Janskathedraal

Bezoek de Sint-Janskathedraal, in de binnenstad van 's-Hertogenbosch deze wordt veelal beschouwd als het hoogtepunt van de Brabantse gotiek

De Kathedrale Basiliek van Sint Jan Evangelist, gewoonlijk aangeduid als de Sint-Janskathedraal, in de binnenstad van ‘s-Hertogenbosch wordt veelal beschouwd als het hoogtepunt van de Brabantse gotiek.

Het bijzonder harmonieuze interieur is het resultaat van de eenheid van stijl die de gehele bouwperiode van eind veertiende tot begin zestiende eeuw bleef gehandhaafd.

De buitenkant levert met zijn gulle ornamenten, zoals de dubbele luchtbogen met de 96 luchtboogfiguren en de reliëfs boven de ramen, een treffend beeld op van de versieringsdrift van de late gotiek. De Sint-Jan is ‘een bouwwerk dat volstrekt uniek is in de Nederlandse kerkelijke architectuur.

De Sint-Jan staat op de hoek van de Parade en de Torenstraat, waaraan zich de hoofdingang bevindt, en imponeert door zijn omvang en rijkdom aan beeldhouwwerk. Oorspronkelijk als parochiekerk gebouwd, werd de Sint-Jan in 1366 tot kapittelkerk en in 1559 tot kathedraal van het nieuwe Bisdom ‘s-Hertogenbosch verheven.

Op 22 juni 1929 werd de Sint-Jan de eretitel basiliek verleend. Het gebouw heeft de vorm van een kruiskerk, meer specifiek een kruisbasiliek. In de Sint-Jan bevinden zich onder meer een rijk versierd, 350 kilo zwaar koperen doopvont uit 1492, een driedelig altaarretabel uit het begin van de zestiende eeuw met uit hout gesneden taferelen uit het Lijden van Christus, dat met zes aan weerszijden beschilderde panelen gesloten kan worden, een preekstoel uit het midden van diezelfde eeuw met uit hout gesneden taferelen.

De bijna twintig meter hoge orgelkast dateert uit het begin van de zeventiende eeuw en geldt als ‘een kunstwerk van koninklijke allure, dat wel gerekend wordt tot de mooiste orgelfronten ter wereld. Het renaissance-orgel zelf is, met behoud van veel onderdelen, in 1784 omgebouwd tot een volwaardig achttiende-eeuws instrument.

De kerk behoort tot de Top 100 van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg en geldt als zogenaamd kanjermonument, een kwalificatie die sinds het jaar 2000 bij de rijksoverheid in gebruik is bij de verdeling van ten behoeve van restauraties geoormerkte financiële middelen.

Bezienswaardigheden in het interieur en exterieur

Een getordeerd baldakijn met pinakel boven een heiligenbeeld

De beeldenstorm uit 1566 en de overgang in hervormde handen uit 1629 hadden als resultaat dat veel onderdelen verdwenen zijn, waaronder alle vroegere altaren (37 in het begin van de vijftiende eeuw oplopend tot 52 een eeuw later), veel beelden en andere kunstwerken.

Een groot verlies voor de kerk betekende ook de verkoop in 1866 van het marmeren doksaal uit 1611 dat nu te zien is in het Victoria and Albert Museum in Londen. Deze omstreden verkoop was de aanleiding tot het tot stand komen van de monumentenzorg. Toch is er nog een aantal bijzondere inventarisstukken bewaard gebleven.

 

Geschiedenis Sint Janskathedraal

Op de plek waar nu de Sint-Jan staat, stond eerst een romaanse kerk. De bouw hiervan startte vermoedelijk in 1220 en duurde tot 1340. Rond 1370, mogelijk na de verheffing tot kapittelkerk, begon men deze kerk echter geleidelijk aan te vervangen door een nieuwe kerk in gotische stijl. Het koor was waarschijnlijk rond 1415 voltooid, het transept rond 1470, waarna ten slotte Sint Janskathedraalhet schip tot stand kwam. Van 1480 tot 1496 is de weelderige H. Sacramentskapel ten noorden van het koor toegevoegd. Deze kapel was in gebruik bij het Illustre Lieve Vrouwe Broederschap. In 1505 is de romaanse kerk, uitgezonderd delen van de romaanse toren, afgebroken. Als laatste verrees een hoge kruisingtoren. De gotische Sint-Jan kwam gereed omstreeks 1530.

Deze gotische Sint Janskathedraal is als het ware over haar voorganger heen gebouwd. Er zijn nog steeds delen van de romaanse kerk bewaard gebleven. Oorspronkelijk zou ook de oude toren tegen de vlakte gaan, maar vanwege geldgebrek is dit niet gebeurd. De nieuwe toren van de Sint-Jan was gepland aan de overkant van de straat. Toen hiervan werd afgezien moest men improviseren om de kerk aan te passen. Dit is duidelijk te zien aan de gewelven in de zijschepen: op de plek waar deze aan horen te sluiten op respectievelijk de Mariakapel en de Doopkapel kloppen de gewelven niet meer: bogen houden halverwege op, gewelfaanzettingen zijn niet voltooid, etc. Aan de buitenkant is het ook duidelijk zichtbaar, doordat de 19e-eeuwse meest westelijke vensters smaller zijn dan de rest van de ramen.

Opvallend aan de Sint-Jan is vooral de ongewoon rijke versiering met beeldhouwwerk aan de buitenkant. Figuraal beeldhouwwerk is te vinden in de wimbergen boven de vensters van het koor, in het zuidportaal en op de luchtbogen van het schip, die met talloze schrijlings gezeten figuurtjes bevolkt zijn.

Binnen en buiten zijn er in totaal zo’n 600 beelden. Koor en schip worden geschraagd door een dubbele rij luchtbogen, iets wat in Nederland verder niet voorkomt. Het interieur is weids door de vijf beuken van het schip, maar de hoogte is een beetje gedrongen vergeleken met grote gotische kathedralen: het middenschip is bijna 28 meter hoog.

De bouwstijl van de sint janskathedraal heeft in de omgeving van ‘s-Hertogenbosch bijna geen invloed gehad, maar de kerk is wel verwant aan een aantal grote stadskerken in het oude hertogdom Brabant. De kerken van onder andere AntwerpenMechelenLeuven en Diest zijn wel in een verwante stijl gebouwd. Vandaar dat men spreekt van Brabantse gotiek.

Na de val van de Spaanse vesting ‘s-Hertogenbosch werd op woensdag 19 september 1629 triomfantelijk de eerste hervormde dienst in de Sint-Jan gehouden. Frederik Hendrik van Oranje en zijn gemalin Amalia van Solms waren hierbij aanwezig. Andere hoge gasten waren de Koning van de Bohemen en de Prins van Denemarken. De Sint-Jan werd door de protestanten in bezit genomen, net als de andere katholieke kerken in de stad. De katholieke eredienst werd verboden. In de stad waren wel katholieke schuilkerken, die tegen betaling van steekpenningen werden gedoogd.

Keizer Napoleon Bonaparte was in mei 1810 in ‘s-Hertogenbosch. Hij ontving hier een delegatie van Bossche katholieken. Hem werd duidelijk gemaakt, dat de overgrote meerderheid van de bevolking katholiek was. Hij gaf hierop resoluut de kerk terug aan de katholieken en zei: “Vous aurez la grande église et un évêque aussi” (U zult de grote kerk hebben en ook een bisschop). Het bisdom ‘s-Hertogenbosch werd heropgericht. In het najaar van 1810 is de teruggave aan de katholieken door Napoleon in de Tuilerieën bevestigd.

Restauraties

Van 1858 tot 1985 is de Sint Janskathedraal vrijwel onafgebroken in restauratie geweest. Aanvankelijk gebeurde dat op een nogal dubieuze manier, waarbij vele vrijheden genomen en slechte steensoorten toegepast werden, terwijl het interieur getooid werd met allerlei neogotische elementen. Hoewel de kathedraal in de 19e eeuw al grotendeels de huidige vorm had, zijn er toch een aantal belangrijke verschillen te herkennen, bijvoorbeeld in de vorm van de toren en koepel.

De meest recente restauratie dateert van 1999 tot begin 2011, toen grote delen van het gebouw weer in de steigers stonden om met name tufstenen en kalkstenen onderdelen te vervangen waar deze sterk verweerd waren. Het betrof hier voornamelijk (delen van) ornamentenwaterspuwerspinakelsprofiellijsten en balustrades. Hiervoor zijn verschillende soorten natuursteen gebruikt, voornamelijk Weiberner tufPortlandsteen en Bentheimer zandsteen. Ook zijn veel beelden en engelen vervangen door kopieën in Portlandsteen en zandsteen.

Het noorderportaal werd geheel gedemonteerd, omdat de krammen en doken (borgpennen) van smeedijzer waren gaan roesten. Omdat ijzer uitzet bij roesten en tot vele malen haar omvang kan bereiken, drukt dit de omringende zandsteen kapot. De reden dat dit bij de zandstenen portalen meer gevolgen heeft gehad dan elders is onder andere omdat zandsteen poreuzer is, waardoor vocht er dieper indringt, en omdat het gebruikte ijzer van de 19e eeuw veel zuiverder is dan het middeleeuwse ijzer, dat meer koolstofresten bevat. De doken werden vervangen door roestvast staal en beschadigde natuursteen is vervangen door kopieën in dezelfde steensoort, Bentheimer zandsteen type Gildehaus. De Sint-Jan is een zogenaamd Kanjermonument dat extra financiële steun van de Nederlandse overheid krijgt.

bron – wikipedia/sint-jan.nl

Rate and write a review

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Torenstraat 16
's-Hertogenbosch 5211 KK NB NL
Get directions
maandag t/m zaterdag 08:00–17:00 zondag - 09:00–17:00

Meer musea en monumenten boeken!

Volg ons