Het stadhuis van Gouda bevindt zich op de Markt. Het vijftiende-eeuwse stadhuis is een van de oudste gotische stadhuizen van Nederland, Het Goudse Stadhuis is een schitterend gebouw midden op de markt in Gouda. Tegenwoordig heeft het niet meer de functie van stadhuis. Niet alleen de buitenkant is prachtig; dat geldt ook voor binnen, hoewel natuurlijk niet elke ruimte even mooi is. Zowel van binnen als buiten is het Stadhuys indrukwekkend om te zien. Buiten zijn het bordes, de luiken, het carillon en de beelden van toonaangevende hoofdrolspelers in de Goudse geschiedenis echte eyecatchers. Klik hier voor de Route

Het interieur stamt deels nog uit de zeventiende en achttiende eeuw. De trots van het gebouw is de wandbekleding in de trouwzaal, vervaardigd door de Goudse tapijtwerker David Ruffelaer, een zoon van de uit Oudenaarde afkomstige tapijtleverancier Jan Ruffelaer, die zich voor 1600 in Gouda had gevestigd. Het tapijt is in 1642 vervaardigd, ter gelegenheid van het bezoek van Henriëtta Maria van Frankrijk, de vrouw van koning Karel I van Engeland, met haar dochter Maria Stuart en schoonzoon Willem van Oranje Nassau, de latere stadhouder Willem II

Gouda Stadhuis

Geschiedenis

In 1395 kocht het stadsbestuur van Gouda het marktveld van de heren Van der Goude om daar een stadhuis te bouwen. Toch zou het nog tot 1448 duren voordat met de bouw werd begonnen. Volgens de stadshistoricus Ignatius Walvis was de gebrekkige financiële positie van de stad de oorzaak van het voortdurende uitstel. Het nieuwe stadhuis diende als vervanging van het oude, dat volgens Walvis aan de Gouwe, op de plaats van de latere brouwerij de Zwaan heeft gestaan. Anderen situeren echter de voorloper (vanaf 1395) van het huidige stadhuis gouda even ten oosten van het vroeger politiebureau op de Markt, met mogelijk nog een voorganger in een hal in de zuidpunt van de Markt.

Een van de steenhouwers was Jan III Keldermans, een lid van een Brabantse familie van architecten Keldermans uit Mechelen. Het gebouw werd opgetrokken uit Belgische kalksteen. Voor de fundering werd niet geheid, maar werd gebruikgemaakt van enkele vlotten van zware eiken balken. In 1459 was de bouw van het stadhuis, na de oplevering van het torentje, voltooid, al was het reeds in 1450 in gebruik genomen. In 1497 werd het stadhuis opgeknapt ter gelegenheid van het bezoek van Filips de Schone aan de stad. In 1517/1518 werd het gebouw verbouwd. Volgens de geschiedschrijver Walvis werd het stadhuis tot 1603 omgeven door water en zou het door middel van een valbrug bereikbaar zijn. In dat jaar (1603) werd het huidige bordes in renaissancestijl door de stadsbeeldhouwer Gregorius Cool vervaardigd.

In de periode 1692-1697 vond er opnieuw een ingrijpende verbouwing plaats. In die periode werd ook het huidige schavot aan de achterzijde van het stadhuis gebouwd. Voor die tijd bestond er reeds een schavot bij het stadhuis, dat voor het eerst in 1525 werd genoemd. Tot 1897 was het schavot te beklimmen door middel van een houten trap aan de buitenzijde van het stadhuis. Het was gevangenen niet toegestaan om binnendoor het stadhuis te lopen. Op 24 april 1897 bracht koningin Wilhelmina een bezoek aan Gouda. Om haar in de gelegenheid te stellen vanaf het bordes de bevolking toe te kunnen zwaaien werd een van de ramen vervangen door twee openslaande glazen deuren, zodat het bordes sindsdien vanaf de binnenzijde van het stadhuis te benaderen is.

Bestand:Restauratie van het stadhuis Weeknummer 49-50 - Open Beelden - 30616.ogv

Restauratie van het stadhuis in 1949

In de periode (1946-1952) werd het gebouw wederom ingrijpend gerenoveerd. Daarbij werd de oude, houten fundering vervangen. De laatste restauratie vond plaats in 1996. Sinds de bouw van het nieuwe Huis van de Stad nabij het station in 2012 wordt het stadhuis niet meer gebruikt voor raadsvergaderingen.

bron – stadhuysgouda.nl/wikipedia

Zoek

Waar ben je in geïnteresseerd? Ondek nederland met een nieuwe blik.